Kerstverhaal 2009

Het was druk in de met lichtjes versierde straat. De winkels waren overvol. De mensen joegen voort, met pakjes zoveel ze maar konden dragen.
Op het grote plein stond een reusachtige, stralende kerstboom. Uit de luidsprekers aan de winkelpuien klonken bekende kerstliederen.

De oude man was een opvallende verschijning in dit feestelijk strijdgewoel. In zijn lange, groenbruine jas knipperden talrijke, gekleurde lichtjes. Op zijn dennengroene hoedje prijkte een vrolijk hulsttakje met rode bessen en zijn spierwitte baard leek wel lichtgevend. Maar het meest opmerkelijk waren zijn scherpe, gegroefde gelaatstrekken die een gejaagd aandoende gezelligheid uitstraalden. Zijn snelle pas gaf de indruk dat hij zich haastte om toch vooral ergens op tijd te komen.
Ineens sloeg hij een zijstraat in. Direct vertraagde hij zijn tempo en keek rond. Deze buurt leek zich in een andere tijd, een andere dimensie te bevinden. Het  was er, weg van het commerciële klatergoud, donker en stil. Slechts wat lantarenpalen wierpen een zwak licht op de besneeuwde trottoirs. Waren er mensen met hem meegelopen, dan hadden ze gezien dat de man een complete metamorfose had ondergaan. Zijn gezicht somberde, de lichtjes op zijn jas waren gedoofd, zijn baard leek grijs en het hulsttakje slierde mistroostig half langs zijn hoedje.

‘Kan ik u misschien helpen?’ klonk het plotseling naast hem. De oude keek om en onmiddellijk klaarde zijn gezicht op. ‘Wie bent u? het is alsof u een bekende bent.’ vroeg hij peinzend terwijl hij in de ogen van een bleke, doch vriendelijke oude vrouw keek die, zoals ze daar stond, veel had meegemaakt, maar desalniettemin mentaal onbreekbaar was gebleven.
‘Mijn naam is Florence. Wilt u misschien een kopje koffie? Mijn huis is hier vlakbij. Tenslotte moeten wij met kerst iets extra’s voor elkaar overhebben, nietwaar?’ zei de vrouw.
‘Ha, dat is nu eens een goede gedachte’,’ zei de oude man blij. ‘Ik neem uw aanbod graag aan’.

Ze zaten aan de keukentafel. De koffie dampte.
De oude man had haar een tijdje bedachtzaam aangekeken. Plotseling zei hij:
‘U ziet er uit als een vrouw die altijd anderen heeft gesteund. U bent in uw leven
voor velen onmisbaar geweest, is het niet?’
‘Men zegt het,’ glimlachte ze verrast. ‘Toen ik nog jong was ben ik ben lange tijd verpleegster geweest, met name in de oorlog. Ze noemden me de vrouw met de lamp.’
De oude man knikte. ‘U heeft nog wel meer gedaan ook, zei hij zacht.
De vrouw knikte terug. ‘Ik heb altijd getracht te leven volgens Gods opdracht,’ zei ze eenvoudig. ‘En u?’
Haar scherpe blik ontmoette een gezicht dat enkel vrede en vertrouwen uitstraalde.
De oude kuchte. ‘Ik, mevrouw,’ zei hij langzaam, ‘ben slechts een oude ziel, een reflectie van de mensen die ik dezer dagen tegenkom, niets meer, maar ook niets minder!’
Doordringend keek ze hem aan. Toen ineens begreep ze.
‘Ik heb geen vragen meer,’ zei ze andermaal glimlachend. U bent bijzonder welkom in mijn huis’. Ze pakte hem bij de hand.
Nu begon de oude man te stralen, te stralen zodat het huisje een en al warmte en licht werd.
Zo stil zaten ze daar samen, in een tijdloze wereld waarin alles warm en goed was.

Buiten galmden de klokken in de koude kerstnacht.

Verhaal: (c) plato 2012

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Esoterische verhalen. Bookmark de permalink .

Ja, schrijft u maar.....

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s