Goed Op Dreef

Alwijze klasse IV  stond op de grens van zijn proefwereld en keek zorgelijk naar de geschapenen die in zijn blikveld onmondig en redeloos door elkaar heen bewogen.
Hij zag hoe ze elkaar bestreden op een manier die hij nog niet in zijn theorielessen was tegengekomen. Ergens moest iets zijn fout gegaan. Hij zuchtte.

Plotseling, vanuit het niets, stond daar Onnoembare Cat. XI voor hem. Alwijze klasse IV kromp lichtjes in elkaar. Nu zou hij het horen donderen. Hij was daarom verbaasd dat de stem van O.C klonk als een zilveren trilling.
‘Heb je je analyse al rond, jongeman?’ klonk het zacht. Alwijze aarzelde. Toen sprak hij met onvaste stem:
‘Ik heb de goed en kwaad module 3a bij hen geïmplanteerd, OC. Ik ging er vanuit dat de gewetensmodule voldoende ontwikkeld was om dit met succes te volvoeren. Maar…hij zweeg.
Weer sprak OC. ‘Dan kan ik je helaas voor het onderdeel scheppingen nog geen voldoende toekennen. Dat snap je. Maar je weet ook dat ik je een herkansing zal geven, nietwaar?’
Alwijze knikte. ‘Natuurlijk is de fout niet rechtstreeks te herstellen.’ Wij kunnen een eenmaal ingezet proces niet zo maar afkappen.
‘Je zult een omweg moeten maken.’
Alwijze knikte opnieuw. Materialisatie. Hij wist. Het zou een moeizaam proces worden. Hij zou de factor tijd moeten invoeren. Hij zou moeten scheppen zoals hij nog nooit geschapen had om zijn werkstuk nog te redden. Nu het toch moest, besloot hij maar meteen in tijdseenheden te gaan denken. Hoeveel maanden zou hij nodig hebben om…
‘Ik geef je zes tijdsdagen.’. Nu klonk de stem van O.C. als een donderslag. ‘Zes dagen, niet meer. Daarna rust je een dagje lekker uit vervolgens kom je met je verslag. Als je je werkstuk binnen zeven continua boven het proces van goed en kwaad kan uittillen, ben je geslaagd en kun je verder met niveau V.’
‘Maar zes dagen?’ fluisterde Alwijze zacht. ‘Maar hoe?’
‘Ik geef je het advies om voor dit doel het bollenstelsel te nemen. Dat is simpel en overzichtelijk. Maar zet de centrale bol wel in zo’n positie dat je schepsels voor een lange tijd levensvatbaarheid zullen hebben. Ik stel voor: zuurstof, ‘één zon (dat is voor dit doel voldoende) en een simpele, zelfontwikkelende gewetensmodule. De rest moet je zelf uitdenken. En werkelijk, zes dagen is genoeg. Als je maar efficiënt te werk gaat.’
Alwijze dacht razendsnel na. Het zou moeten kunnen als hij met een beperkt aantal geschapenen begon. Hij zou de schepsels zichzelf kunnen laten vermenigvuldigen. Zolang er nog niet zoveel waren zou hij kunnen beginnen met een hoge eindleeftijd per individu. En daarnaast…
‘Verzin de rest straks maar,’ sprak OC en Alwijze merkte dat hij al langzaam naar andere sferen muteerde. ‘Denk er aan, vergeet je schepsels niet een leer mee te geven. O ja, laat ze een boek maken. En laat je vooral door hen kennen. Geef jezelf een naam. Dan zullen ze gemakkelijker in je geloven. Kom op joh, niet zo triest kijken. Je kan het. Je bent de laatste tijd best goed op dreef.’ En weg was hij, de sferen in.

‘Goed op dreef,’ mijmerde Alwijze, Zat er in dit zinnetje niet een mooie, korte en krachtige naam? Maar natuurlijk: Goed ODreef. Dat zou het worden.

En ineens enthousiast zette hij zich op een cumulus en begon zijn stevig denkwerk.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Esoterische verhalen. Bookmark de permalink .

Ja, schrijft u maar.....

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s