Mees 9: gouden vogel

Terwijl de zon haar gouden stralen over de aarde wierp, zat Mees in de dakgoot van het grote huis en pikte afwezig in zijn verenkleed.
Hij dacht aan de jasmijn. Toen zaten er al zoveel vragen in zijn hoofd. Sindsdien waren er nog veel meer bijgekomen. Zoals: waarom wist Blub wel wat verdriet was en Goudvis niet? En waarom moest je persé laten zien dat je van iemand hield door dood te gaan. Of had hij dat nu verkeerd begrepen?

Mees zuchtte diep. Er er was één gedachte en die vond hij de allermoeilijkste. Het was de gedachte die hij ook in het ei en in het nestje had gehad: er moet méér. Iets wat al zijn gedachten en herinneringen zou kunnen verklaren. Maar steeds als hij probeerde te bedenken wat dat méér dan wel zou zijn, begon alles in zijn hoofd te draaien. En omdat hij er op deze manier niet uit kwam begon hij uit onmacht en ergernis spontaan een verdrietig lied te fluiten.

Plotseling, terwijl hij zong zag Mees, in het dalende, glanzende zonlicht, de gouden vogel. De vogel die ik in het nest heb gezien, juichte het onmiddellijk door hem heen. En van pure emotie floot hij nu zo mooi dat hij er zelf tranen van in zijn ogen kreeg.
Toen ging er een schokje door hem heen. Wat was dat? Werd de gouden vogel nu groter of verbeeldde hij het zich? Ja, hij zag het goed. De vogel kwam met trage vleugelslagen op hem af en zette zich soepel naast hem in de dakgoot. Mees voelde zijn hart in zijn lijf bonken.
Dag Mees, zei de vogel met tinkelende stem. Ik voelde dat je aan mij dacht. Wel, hier ben ik dan.
Mees werd als bij toverslag rustig. Wie ben je toch, gouden vogel? vroeg hij, je lijkt zo bekend maar toch ook weer niet.
Dat hindert niet, eens zal de dag komen dat je mij zult herkennen, zei de gouden vogel. Zijn er dingen die je me wilt vragen?
Mees knikte. Ik… begon hij. En toen wist hij het niet meer. Alle gedachten warrelden als een zwerm muggen door zijn hoofd.
Dappere mees met je vele vragen, sprak de gouden vogel, jouw leven is een ontdekkingstocht. Luister, zoals jij bent begonnen in een ei, zo is er ook een ei diep in jou. Het ei van het weten. Alles wat je nodig hebt, ligt daar voor je klaar. Als je een vraag hebt, ga dan rustig op een tak zitten, sluit dan je ogen probeer diep in het ei door te dringen Vaak zul je dan het antwoord krijgen, maar… niet altijd. Soms is het nodig dat het antwoord later pas komt. Nu moet ik gaan. Maar je zult me terugzien zodra je bij de ondergaande zon je mooiste lied fluit. Vaarwel.
Mees sloot de ogen. Dank je wel, ik zal elke avond fluiten, fluisterde hij terwijl hij zo’n beetje roerloos bleef zitten. Toen hij zijn ogen weer open deed, was de gouden vogel verdwenen. De zon streelde de takken van de bomen met haar laatste stralen. In de verte wenkte de nacht.

Dscf0118_7


foto: plato 2007

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Meesverhalen. Bookmark de permalink .

Ja, schrijft u maar.....

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s