Het stukje

Warm en zweterig was ze. Het had haar nooit zoveel moeite gekost als vandaag om een stukje te schrijven. Het was dan ook een heel belangrijk stukje want het was persoonlijk. Zeer persoonlijk.
Ze keek op de klok. Het was 22.47 uur. Ze zuchtte diep. Er was nog iets. Maar wat? Het zat in die laatste alinea ergens fout. Maar waar?

Kom je naar bed? dramde haar man. Ze keek hem even aan. Hij keek nadrukkelijk en treiterig met haar mee. Hij deed het er om. Hij wist dat ze zich dan helemáál niet meer kon concentreren. Ze wist het. Hij zag niets in een weblog en al helemaal niet in een schrijvende vrouw. Zelf hield hij niet van computeren. Ook niet van lezen. Wel van auto’s, vissen en zijn dierbare pilsje. Hij snapte niet hoe belangrijk de weblog voor haar was. Dat het haar uitlaatklep was en dat ze de mening en waardering van anderen voor haar stukje zo nodig had. Waarom gunde hij haar dat niet. Waarom altijd dat gekat op haar stukjes? Geërgerd klikte ze op een ander document.

Oho, mag ik niet meekijken met mevrouw? Mannetje is niet gewenst hè?’
‘Laat me nou effe,’ zei ze vermoeid. Ik ben zo klaar en dan kom ik.
‘Wat zit je te schrijven schat,’ teemde hij en tikte met zijn wijsvinger op een toets.
‘Niet doen, riep ze,’ ik heb het nog niet opgeslagen, straks is het weg.’
‘Hahaha,’ hoorde ze hem sardonisch lachen. ‘Daar zou een stukkie wereldliteratuur mee verloren zijn gegaan. Nou,mevrouw Tolstoi, ik ga naar boven, ajuus.’

Ze hoorde hem de kamer uitgaan. Verongelijkt, dacht ze. Hij is verongelijkt. Hij staat weer eens niet centraal. Maar nu kon hij toch echt even de pot op. Geërgerd richtte ze zich weer op die laatste zin van de laatste alinea. En toen in één keer zag ze het. Driftig bewogen haar vingers zich over de toetsen. Dat was het. Zo was het goed. De laatste zin was nu perfect. Nu opslaan, dacht ze koortsachtig, en dan plaatsen.
Terwijl ze de muis richting bestand en opslaan dirigeerde, gingen plotseling haar schemerlamp en computer op zwart. Verstijfd zat ze aan haar PC. Daar in dat donker hoorde ze hoe hij de deur van de meterkast met een kakelend lachje dicht deed.

Bliksemsnel stond ze op en stormde met de houding van een zwaar getergd roofdier de gang in.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Fictieve verhalen. Bookmark de permalink .

Ja, schrijft u maar.....

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s