Gedenken

Beste Ferdinand,
Wat kan ik anders doen dan je deze virtuele brief schrijven?  Je onverwacht verscheiden heeft me immers niet alleen geschokt maar ook belet tijdig afscheid te nemen  van mijn beste vriend.

We weten allebei dat je een man van bewuste risico’s was. Als alle vakantieorganisaties een negatief reisadvies voor Egypte gaven, boekte jij vrolijk een vlucht naar Cairo. Toen wij samen in Napels waren, moest jij beslist die wijk, bekend om zijn verregaande criminaliteit, bezoeken. En weet je nog van Bagdad? Niemand haalde het in zijn hersens om juist op dat tijdstip naar die bestemming te reizen, JIJ wandelde daar doodgemoedereerd over een drukke markt en genoot van de gezelligheid in dat volle koffiehuis.
Vorige week nog boekte jij die vlucht, waarvan je wist dat hij over oorlogsgebied voerde. Natuurlijk adviseerde ik je hartstochtelijk een langere, veiliger reisroute te kiezen.  Ik riep dat het belachelijk was dat er nog steeds maatschappijen waren die, om kerosine uit te sparen, bewust de gevaarlijke weg namen.  Weer zweeg je grijnzend, precies zoals je al die jaren mijn vermaningen onbezorgd weglachte.

Ooit zei je:  ‘Frank , een mens moet ergens aan doodgaan.  En tot die tijd moet je LEVEN.’ Ik zag je ogen schitteren van ondernemingslust en in mijn hart was ik een beetje jaloers omdat ik maar al te  graag wilde zijn zoals jij. Maar ik besefte ook dat ik dat, hoewel jij er altijd zonder kleerscheuren van afkwam, nooit zou kunnen.

Nu je er plotseling niet meer bent (die barre werkelijkheid begint langzamerhand door te dringen), realiseer ik me dat wij nooit die wonderlijke speling van het lot, die ervoor zorgde dat jouw leven abrupt eindigde door een stomme struikeling over een stofzuigersnoer,  kunnen bediscussiëren.
Maar jij zou beslist hard om zo’n toevalligheid gelachen hebben.

Voor altijd in mijn gedachten.

Frank

 

 

 

 

 

 

Geplaatst in WE-300 | 30 reacties

Zwijm op Zater: klote Hollanders

Toen ik van de week het liedje zag, wist ik meteen: dit is iets voor Zaterdag.
Sommigen worden er kwaad om, ik vind het leuk.
Sommigen storen zich aan het taalgebruik, ik zeg: kijk daar overheen.
Sommigen zeggen: ze heeft ongelijk, ik zeg: kijk naar die prachtige emotie en naar dat jeugdig enthousiasme.
Sommigen klikken het ongeïnteresseerd weg, ik zeg: kijken en helemaal uitluisteren.

Hier komt Nina. Verder commentaar van mij is overbodig.

UPDATE
Maria zegt (en zij weet want ze is Spaanse) dat de vertaling veel grover is dan het 
origineel. Dat je die woorden eigenlijk niet zo letterlijk moeten vertalen. 

Als ze bijvoorbeeld in Spanje heel fel zeggen ´Coñjo´ dan bedoelen ze geen schuttingwoord.
Het is een emotie die je beter kunt vertalen met ´verdorie nog aan toe.´ 

Dus als dat meisje zingt: chinchar a tu Madre bedoelt ze eigenlijk
niet anders dan:
´ga je moeder lastig vallen.´

Het is echt iets voor de media om daar wat meer spectaculairs van te maken.

 

Geplaatst in Algemeen | 33 reacties

WE-300 het woord voor juli

Soms gebeuren er dingen in je leven die je niet in de hand hebt maar die je nooit meer vergeet.
Dit jaar is het 35 jaar geleden. Er was pijn. Geleidelijk aan verdween deze in het doosje waarin alle herinneringen rusten. Op den duur dacht ik dat alles verwerkt was. Maar bij het horen van bepaalde muziek of het zien van een foto, kwam alles gewoon terug.  Ik heb er nu maar zo’n beetje vrede mee dat het zo werkt.

Vandaag geef ik, over de grens van leven en sterven, een liedje (háár liedje) aan C. om haar te laten weten dat ik haar niet vergeten ben.

Het nieuwe WE-300 woord is

Gedenken

Omdat het zomer, en dus vakantie, is mogen degene die zin hebben om een leuk verhaal te schrijven, er de rest van de maand juli over doen. Veel schrijfplezier.

Plato

Melody    Frederique    Ria    Narda    Marja    Elisabeth    Smijling    Dwarsbongel    Greet    Ferrara    Reismeermin   Mrs T    Plato    Corline    Rianne    MdMama

 

Geplaatst in WE-300 | 33 reacties

Her-schepping

Geacht opperwezen,
Graag wijs ik op een omissie in uw schepping.
Het is me opgevallen dat het menselijk lichaam geen  aan- en uitknoppen heeft. Natuurlijk, we kunnen hier en daar vingergewijs  een lichaamsopening dichtproppen,  maar dat is nauwelijks afdoende.
Weet u hoe vervelend dat is?

Één voorbeeld:
Vandaag  zat ik in de intercity van Maastricht naar Amsterdam.  U wilt niet weten hoeveel tomeloos en vooral luid geouwehoer ik weer heb moeten aanhoren, zowel rechtstreeks als via mobiele telefoons.

Vindt u het gek dat mensen niet  zo liefdevol zijn als U zou willen?  Het is werkelijk om dol van te worden.

Daarom pleit ik hierbij (zie het als een beginnetje, later kom ik met meer voorstellen) voor een update (het liefst een tussentijdse) van het menselijk lichaam. Wilt u de beide oren voorzien van een deugdelijke  aan- en uitknop? Dat moet kunnen want elke  stereo-installatie heeft er een.

Hartelijk dank
Plato

Geplaatst in Esoterische verhalen | 37 reacties

Angst

Er was eens een kogelrond mannetje met verschrikkelijke angst voor de dood.  Deze was nergens op gebaseerd maar zo aanwezig dat het dagelijks ter sprake kwam. Zijn vrouw had uit zelfbehoud een pantser van jewelste ontwikkeld.
‘Ik voel me vandaag niks lekker.’
‘Ga maar naar de dokter.’
‘Durf ik niet. Stel dat ik wat heb. Dat ik binnenkort…’
‘…dood ga? Pff, ze willen je hierboven niet eens. Ze denken, laat hem maar lekker bij zijn vrouw. Bij MIJ dus!!’
‘Maar, het kan toch? Ik voel overal steken.’
‘Vind je het gek? Man, je bent een TON. Vermager!!
Maar hij luisterde nooit, haar compassie versleet gaandeweg en de relatie verschrompelde tot een wrang automatisme.

Op weer zo’n dag mompelde hij: ‘Als ik minder eet en terugval van 120 kilo naar 60, halveert misschien ook mijn angst.
Hoopvol begon hij te lijnen. Langzaam daalde zijn gewicht en op een dag was hij 60 kilo.
Maar zijn angst bleef.
Na een tijdje had hij de ultieme oplossing. Op een ochtend miste zijn vrouw hem in bed. Tevergeefs werd naar hem gezocht.
Drie maanden later was hij terug… in een rolstoel, zijn linkerbeen keurig verpakt in een kistje.
‘Wwwat, hhhoe…’ stamelde ze.
‘Ik bespaar je de details,’ antwoordde hij. ‘Het basisidee is: ‘met maar één been is er minder om doodsangst voor te hebben. Goed hè?
‘Je bent hartstikke gek,’ brulde zijn vrouw. Het hielp niets.
Ze begroeven het been in de achtertuin.
Twee maanden later stierf zijn vrouw van wanhopig verdriet.
‘Kijk nou,’ kermde het mannetje. ‘De dood is nabij. Snelheid is geboden.’
Enkele maanden later begroef hij ook zijn rechterbeen en nam een verzorgster om tegenaan te zeuren.
Alleen… die angst.
Na een halfjaar waagde hij een vervolgstap. Hij was rechts, dus zijn linkerarm had hij nauwelijks nodig. Eenmaal weer buiten in zijn rolstoel, zag hij hoe men hem nakeek. Hij beschouwde het als bewondering en glimlachte als een heldhaftig slachtoffer.

Op zijn 70e was hij nog slechts hoofd en romp. Er kon écht niets meer af.
En zijn angst was groter dan ooit.

Op een warme dag hing hij in zijn rolstoel in de tuin wat te soezen. Plotseling zag hij een vreemdeling bij de heg.
‘Gaat het?’ vroeg deze belangstellend.
‘Beetje heet,’ zuchtte het mannetje. ‘God, wat zou ik graag een pilsje pakken.’
‘Dat kan,’ fluisterde de vreemdeling. ‘Kom, dan vatten we er een. Ik help je.’
‘Wil ik dat?’ vroeg het mannetje argwanend.
‘Ik denk het wel,’ antwoordde de vreemdeling. Even raakte hij het mannetje aan.
‘Goh, ik ben weer compleet, dank je,’ zei deze verwonderd. ‘Is dat nou alles?’
‘Meer is het niet,’ glimlachte de vreemdeling.
En toen gingen ze een hemels pilsje pakken.

Plato 22-6-2014
Geplaatst in verhalen fictie | 40 reacties

ZOZ: John en Yoko

Op een zomerochtend in 1980 werd Yoko Ono wakker met een lied. Meteen belde ze John, die op Bermuda verbleef, om het voor te spelen.
Het was een liefdesliedje dat de manieren omschrijft waarop je van iemand kunt houden Ze zong het met haar karakteristieke, breekbare stem en John vond het prachtig.
Die avond zag hij op TV een film waar het gedicht Rabbi Ben Ezra van Robert Browning in voor kwam. Dit gedicht én het lied van Yoko, inspireerden hem onmiddellijk tot het schrijven van een prachtige song, een van zijn laatste zo zou later blijken.
Wie kon toen weten dat hun liefde nog maar zo kort zou duren?

John en Yoko maakten plannen om Johns nummer zodanig te arrangeren dat het in kerken gespeeld zou kunnen worden bij bruiloften. Aanvankelijk zouden beide nummers verschijnen op de LP Double Fantasy (waarop beiden beurtelings zingen), maar dit album moest voor de kerstdagen af en dus besloot men ze te bewaren voor een latere LP.

Toen kwam die gewraakte dag in december 1980 waarop John in New York werd doodgeschoten. Velen weten nu nog precies waar ze waren, toen ze het nieuws hoorden.

In 1984 verscheen de (voor Lennon) postume LP: Milk and Honey. Daarop hebben beide liedjes een plaats gekregen. Op 10. Yoko’s: let me count the ways. Op 11. Johns grow old with me. Deze laatste betreft de nog ruwe versie, met alleen een piano en een ritmebox, opgenomen in de slaapkamer van het paar. Naderhand werden er nog andere versies opgenomen, met prachtige orkestbegeleiding. Ook hebben de overgebleven Beatles nog geprobeerd de song om te smeden tot Beatlenummer maar dat bleek niet haalbaar.

Ondanks die fraaiere uitvoeringen van grow old with me heb ik hier gekozen voor die meest elementaire versie. Van let me count the ways is maar een versie.
Dichterbij het paar kun je niet komen. Hier eerst Yoko… en dan… John.

Bronnen: youtube, wikipedia, mijn LP’s en eigen herinneringen.
Geplaatst in verhalen fictie | 34 reacties

Het gebeuren

Zorgvuldig wachtte oude Sluwaard tot de maan achter een wolk verdween. Vlug grabbelde hij een haak uit een stoffen zak, sloop naar de voordeur en tikte, via de brievenbus, de haak aan het binnenslot. De deur klikte open.
Hij luisterde. Doodse stilte.
De buitendeur liet hij op een kier. Onhoorbaar ging hij door de duistere gang en inspecteerde de woonkamer.
‘Niks,’ mompelde hij. Toch graaide hij hier en daar wat spullen weg. Hij opende laden. Geen geld, geen pasjes.
Als een schaduw sloop hij, krakende treden handig vermijdend, de trap op.
Twee kamerdeuren stonden open. Hier ook al niets van waarde.
Ineens was de stilte vreemd, beklemmend. Hij wilde weg! Maar iets hield hem tegen. Een derde kamer. Hij was nog niet klaar.
Zachtjes opende hij de deur…

‘Ach, lieve vriend, u bent gekomen.’ De warme, melodieuze stem  verlamde hem volkomen. Schichtig keek Sluwaard om zich heen. Hij bevond zich in een zwakverlichte slaapkamer. In het tweepersoonsbed lag, met gesloten ogen, een oude man, het gezicht doortrokken van lijden. Zijn borst ging licht op en neer. Zijn dooraderde handen lagen krachteloos op het laken.
‘Het zal mijn broer goed doen u, in zijn laatste uren, weer in vriendschap bij hem te zien.’
Het was een kleine vrouw met lang grijs haar, zachte, wijze gelaatstrekken en ogen… die oneindige zachte ogen!
Onhandig knikte hij: ‘ik…’
‘Ik begrijp… voor u is het ook emotioneel. Na twintig jaren… Maar ga toch bij hem zitten.’
Aarzelend nam Sluwaard plaats op een stoel naast het bed. Waar was hij in hemelsnaam in terechtgekomen? Meer nadenktijd had hij niet. De oude opende zijn ogen.
‘Herman?’ Zijn stem klonk als een zucht.
‘Ja,’ zei hij bij gebrek aan beter.
‘Herman,’ fluisterde de oude, ‘ik heb niet veel tijd. Kun je me vergeven dat ik je indertijd zo….’ Hij zweeg en hoestte luid.
Terwijl hij een antwoord zocht gebeurde er iets vreemds. Hij ontwaarde een lichtwezen dat wervelende bewegingen over het lichaam van de oude maakte. Één seconde keek het Sluwaard met een oneindige liefdevolle blik aan.
Dat was genoeg.
Hij pakte de hand van de stervende en zei: ‘natuurlijk vergeef ik je. Rust maar uit, goede vriend.’
Het gezicht van de oude werd rustiger. Daarna gleed hij in een diepe sluimering.
Weer keek het lichtwezen op, nu dankbaar en goedkeurend.
Ineens leek Sluwaard te ontwaken uit een hypnose. ‘Ik moet gaan.’
Weer die stem: ‘natuurlijk, fijn dat u bent gekomen. Dank u wel.
Hij sloop de trap af, leegde ijlings de zak op de woonkamertafel en ging er vandoor.

Vanaf die avond kon hij niet meer oneerlijk zijn. In plaats daarvan zat hij met één diepe wens en vele vervloekte vragen die niet uit zijn kop wilden. Wat was dat lichtwezen? Hoe was het met de oude afgelopen? Wie was Herman en… waarom was hij niet gekomen?

Zijn wens werd vervuld op een zonnige meidag toen hij de kleine vrouw op de markt zag. Haar ogen waren als de eerste lentezon.
Maar aanspreken kon hij haar niet.

© Plato juni 2014

 

 

Geplaatst in Esoterische verhalen | 34 reacties