One o One: dementerig

Mevrouw Jansen werd wat dementerig en ontwikkelde van daaruit een onverwoestbare neiging anderen te corrigeren.
Ergerniswekkend, omdat ze daarbij van alles door elkaar haalde.
Zelf vond ze dat erg meevallen.
Henk, door haar al zesenvijftig huwelijksjaren kort gehouden, sprak van tijd tot tijd een zorgvuldig verborgen whiskyfles aan.
Maar ze kwam er achter. Altijd. Want haar neus was nog goed.
Ook deze keer.
“Dat moet je niet doen, Adolf. Petroleum is slecht voor je rrrrikketik, dat weet je,” riep ze onderwijzerig terwijl ze onder haar navel wees.
Henk wreef zuchtend over zijn donkere snorretje.
Hij hield nog steeds zo van haar!

Geplaatst in 101 | 19 reacties

WE-300 oktober 2014

Gewoon iets tikken,  dan komt inspiratie  vanzelf, dacht de man somber. Maar welke zin dan, als je niets wist?
Moest hij dan ook maar uitwijden over zijn kwalen, dagelijkse bezigheden of de kat? Wat kon anderen dat nu schelen.
Toch zag hij dat het er vaak in ging als koek.

Sommigen noemden het een ‘writersblock’, een klakkeloos overgenomen woord dat altijd interessant en herkenbaar stond.  Wie het gebruikte kreeg voorspelbare reacties als :  ‘Oh wat erg’ en ‘hopelijk schrijf je  weer snel over je beslommeringen.’
Originaliteit. Aan een woord van zes lettergrepen bezondigden de meesten zich liever niet.

De man keek uit het raam. Buiten genoten mensen van de allerlaatste zomerse stuiptrekkingen.
‘Jullie hebben geen inspiratiezorgen hè?,’ fluisterde hij venijnig, ‘jullie zitten liever voor de buis en vreten gulzig de hapklare brokken van de omroepbonzen. Kunnen jullie daar de volgende dag lekker over kwebbelen.’
Hij keek naar het scherm dat er bijlag als een wit sneeuwlandschap.  Wie langer dan een maand van zijn blog wegblijft, verspeelt minstens de helft van zijn bezoekers, wist hij. Zo vluchtig is dat wereldje.
En hij had al meer dan anderhalve maand….

Hij zette de vingers op de toetsen.   ‘ZO dan maar!’ gromde hij tegen zijn muis en tikte:

Gisteren kocht ik in de super een gigantische bloemkool. Bij de vleesafdeling zag ik dat oma’s gehaktballen in de aanbieding waren. Ik aarzelde niet. Aardappelen en kruiden had ik nog dus ik was voor een koopje klaar.  Die avond smulde ik van een heerlijke bloemkoolstamppot.  De kat kreeg een halve oma-bal want hij mauwde zo lief.
Na de afwas checkte ik mijn mail. Nada!!
Daarna was het alweer tijd voor Geer en Goor.  Ik lag blauw. Hebben jullie toch ook gezien?
Nou, dit  was weer het wel en wee, van Willem Weltevree.
Groetjes en hartelijke doeiiii!!

 U begrijpt het al: het thema van de WE-300 30 oktober  is:

Kwaliteit 

U heeft de hele maand de tijd hier nu eens een mooi verhaal over te verzinnen.

Veel schrijfplezier.

Plato

NB. Voor de maand september kwamen veel en mooie verhalen binnen. Alle deelnemers, hartelijk bedankt. De zomer heeft u kennelijk goed gedaan. Het was leuk om te zien dat de WE-300 nog steeds leeft.

Plato    Melody    Narda    Dwarsbongel    Marja    Ria    Ferrara
Kakel    Mrs-Triltaal    Frederique    Geesje    Smijling

 

Geplaatst in verhalen fictie, WE-300 | 50 reacties

WE 300 Renoveren

‘Ik heb nog ZO gezegd: géén menselijke pluisjes in mijn nest. Maar nauwelijks heb ik mijn staartveren gekeerd en ja hoor…’
Spreeuw hield zijn snavel. Hij had de afgelopen weken de zinloosheid van tegenspraak al genoeg ervaren.
‘Net nu ik alles mooi aan kant had, je wordt bedankt! Je gaat METEEN alles netjes verbouwen want anders LEG ik niet. Snel nu maar!! Ik vlieg twee takken hoger en houd je in de gaten,’ gispte ze kwaadaardig.
‘Takkewijf’, fluisterde hij en vloog er vandoor.

Het caféterras bood uitzicht op een prachtig zilvergrijs IJsselmeer onder een Hollandse wolkendeken.
Het ontging de man volkomen.
‘Takkewijf,’ mompelde hij terwijl hij met hoekige gebaren zijn koude koffie naar binnen slokte. Hoe durfde ze hem zo te vernederen. Had hij niet altijd hard gewerkt en zijn maandloon afgegeven? Goed, hij was niet de spannendste man ter wereld, maar had hij laatst het huis niet tiptop in een nieuw jasje gestoken?
En nu dit simpele rotkladje:

‘Ik gaan bij Herman wone. Die is teminste lief en atent. De spulle heb ik meegenome. Je hoort nog van me advocaat.
De groete, Alie.

Zonder het te beseffen verpulverde hij het koffiekoekje met zijn grove knuisten. ‘Takkewijf.’

In een vlaag landde er een spreeuw op het tafeltje en begon ongegeneerd van de kruimels te pikken.
‘Ja, vreet maar,’ gromde de man. ‘Niks voor je vrouwtje bewaren. Stank is toch je dank.
De spreeuw richtte zich op, leek te luisteren. Even keek hij de man in de ogen. Het leek een seconde van diepe herkenning. Daarna vloog hij op en verdween in de richting van het meer.
De man zag het niet. ‘As ik die Herman in me pote krijg, verbouw ik se complete smoelwerk,’ fluisterde hij.

In de verte verjoeg de septemberwind het grijs en schilderde de lucht aangenaam blauw.

Geplaatst in WE-300 | 40 reacties

WE-300 voor de maand september

Eindelijk: een levensteken van Plato. Ik bedank iedereen hartelijk voor de vriendelijke- en bemoedigende reacties.
Zoon is inmiddels definitief naar zijn eigen huis. Hij moet nog erg wennen. Soms heeft hij het gevoel dat hij in een hotel slaapt. Een teken dat het nog niet helemaal ZIJN huis is. Dat heeft natuurlijk tijd nodig.
Ondertussen ben ik, samen met een kennis, bezig mijn huis grondig te renoveren. Zo gaan die dingen, je begint ergens aan (de kamer van zoon) en je ziet steeds meer. De eerstkomende maand ben ik dus nog wel even bezig. Daarbij zegt het lijf af en toe: stop, want ik kraak!! Maar de geest wil door, want het moet toch ooit af. Gelukkig heeft mijn kennis heel veel goede apparatuur en neemt zoon het elektradeel voor zijn rekening.

Enfin, om het verhaal ver onder de 300 woorden af te ronden: Plato leeft en hij is druk. Toch zal ik proberen vanaf volgende week weer een rondje langs de velden te maken. Ik zal niet alles kunnen lezen maar echt, ik doe mijn best om er weer in te komen.

Gezien het bovenstaande zal het WE-300 woord jullie niet verbazen.

RENOVEREN

Klik op de naam voor de betekenissen.
Jullie hebben tot eind september de tijd om hier iets leuks over te schrijven. Ik ben benieuwd hoeveel klusverhalen daartussen zitten :-)

Veel schrijfplezier

Plato

Narda    Melody    Corline    Artmus    Anneke    Ria   Letterzetter
Frederique     Rebelse    Anja    Rianne    Smijling    Jokezelf    Marja    Corline_II    Mrs. T    Minoesjka    Ferrara     Corline III    Dwarsbongel    MdMama    Robbie    Dieneke    Hanneke    Laura    Kakel    Ria II    Trees    Greet    Plato    Hanneke (maar => 300 woorden)    Reismeermin

Geplaatst in WE-300 | 59 reacties

Druk? Hoezo… druk?

Men zegt altijd: ‘ja, dan zijn ze met pensioen en dan zouden ze het rustig aan kunnen doen, maar ze hebben het nog nooit zo druk gehad.’Ik hoor het vaak om me heen en tot nu toe moest ik daar altijd een beetje om glimlachen.
Maar nu niet meer.

Zoon heeft een huis gekregen en dat betekent niet alleen verhuizen maar ook een enorme bende in huize Plato.  U kent het scenario: dozen, kratten vol dingen die nog moeten worden uitgezocht. Elders wordt, terwijl de zon door de muren heen brandt, geschaafd, geschuurd, gekrabd, geschilderd en zwaar gezucht. Enfin, de rest kun u zelf wel bedenken en u begrijpt dat er menig zweetdruppeltje valt. Vermoedelijk ook dat als de hele zooi achter de rug is, een bepaalde kamer aan het thuisfront zwaar aan renovatie toe is.

Vandaar dat het een tijdje stil was op deze weblog. Geen vakantie, geen tuinwerk, alleen maar die verhuizing. Zoon en ik hebben er allebei dubbele gevoelens bij. Heerlijk om een huis voor jezelf te hebben, maar ja….bijna 27 jaar samen zal toch behoorlijk wennen worden.

Nu weet u het allemaal. Over een week of wat komt alles hier weer terug, inclusief de WE-300, als jullie daar tijd en zin in hebben. Tot die tijd- en reageer lees ik zoveel mogelijk  bij op de nog actieve weblogs.

Wenst u ons een beetje sterkte? :-)

 

Geplaatst in verhalen non fictie | 61 reacties

Oude pijn

Bij het opruimen van de schuur vind ik in een kistje wat foto’s. Oude zwart-wit afbeeldingen van vroegere buren van mijn moeder. Terwijl ik er naar kijk vliegt mijn geheugen wijd open. Achter die eenvoudige zwart-witfoto’s schuilt verdriet.

Hij heeft een litteken aan zijn rechterhand. Hij werkt als arbeider voor een papierfabriek. Zal zijn ongeval zich daar hebben afgespeeld? Zijn persoonsbewijs, dat is afgestempeld op 3 juli 1941, geeft daar geen duidelijkheid over. Dat zegt slechts dat hij op 15 oktober 1889 werd geboren te Wormer en dat hij aan de ‘Esschenstraat’ te Wormerveer woont. Een dubbele vingerafdruk bestempelt zijn identiteit. Zijn naam: Cornelis Battem.

Toen wij in 1966 naar Wormerveer verhuisden, woonden ze nog steeds op hetzelfde adres. Ze waren nagenoeg buren van mijn oma. Omdat Cornelis toen al behoorlijk sukkelde met zijn gezondheid, vroeg mijn moeder zijn vrouw Anna (die ook niet van kwalen vrij was) wel eens op de koffie. Later, toen hij was overleden, kwam ze altijd samen met oma op visite. Beiden waren eenvoudige, doodgoede en vriendelijke mensen.

Het moet aan het begin van de 20e eeuw zijn geweest toen ze trouwden. Op de foto, voor een huis vol bloemenranken, staat Cornelis, met stevige snor en een gezicht waar de ernst des levens stevig op ingebeiteld is. zijn linkerhand steunt met gebogen vingers op een tafeltje met tafelkleed waarop een vrolijk bosje bloemen prijkt. Anna (lange donkere rok en wit, tot aan de hals gesloten bloesje met lange mouwen) zit op een stoel. Ook zij heeft de hand, waarvan de duim en wijsvinger elkaar raken, op het tafeltje gelegd. Met een deels onderzoekende, deels berustende blik kijkt ze in de camera. 

Het huwelijk blijft kinderloos. Ergens in de jaren 1910 – 1915 besluiten ze een kind te adopteren. Hij heet Jan. Van hem zijn twee foto’s overgeleverd. Op de eerste staat hij, keurig in pak, lange jas, met ziekenfonds brilletje en gleufhoed, lachend naast een herenfiets. De tweede foto toont hem, met een gordijn op de achtergrond, weer in pak, een strakke scheiding over links terwijl (jawel) zijn linkerhand op een zuiltje met vaas rust.
Hij ziet er uit als een student, een lieve jongen waar de wereld nog veel van zal horen.

Maar het liep ander. Jan moest in dienst en werd later door de bezetter gedeporteerd naar Duitsland. Daar is het hartstikke fout gegaan.
Na de oorlog hebben Cornelis en Anna wanhopig geprobeerd informatie over hem te krijgen. Het leverde niets op. Mijn moeder en mijn oma waren er getuige van hoe diep dat verdriet tot hun dood bleef knagen.
Hopelijk hebben ze hem daarna weer in de armen kunnen sluiten.
Hier, voor hen dit klein eerbetoon. Opdat zij en hun foto’s levend blijven.

 

 

 

 

 

Geplaatst in verhalen non fictie | 33 reacties

Gedenken

Beste Ferdinand,
Wat kan ik anders doen dan je deze virtuele brief schrijven?  Je onverwacht verscheiden heeft me immers niet alleen geschokt maar ook belet tijdig afscheid te nemen  van mijn beste vriend.

We weten allebei dat je een man van bewuste risico’s was. Als alle vakantieorganisaties een negatief reisadvies voor Egypte gaven, boekte jij vrolijk een vlucht naar Cairo. Toen wij samen in Napels waren, moest jij beslist die wijk, bekend om zijn verregaande criminaliteit, bezoeken. En weet je nog van Bagdad? Niemand haalde het in zijn hersens om juist op dat tijdstip naar die bestemming te reizen, JIJ wandelde daar doodgemoedereerd over een drukke markt en genoot van de gezelligheid in dat volle koffiehuis.
Vorige week nog boekte jij die vlucht, waarvan je wist dat hij over oorlogsgebied voerde. Natuurlijk adviseerde ik je hartstochtelijk een langere, veiliger reisroute te kiezen.  Ik riep dat het belachelijk was dat er nog steeds maatschappijen waren die, om kerosine uit te sparen, bewust de gevaarlijke weg namen.  Weer zweeg je grijnzend, precies zoals je al die jaren mijn vermaningen onbezorgd weglachte.

Ooit zei je:  ‘Frank , een mens moet ergens aan doodgaan.  En tot die tijd moet je LEVEN.’ Ik zag je ogen schitteren van ondernemingslust en in mijn hart was ik een beetje jaloers omdat ik maar al te  graag wilde zijn zoals jij. Maar ik besefte ook dat ik dat, hoewel jij er altijd zonder kleerscheuren van afkwam, nooit zou kunnen.

Nu je er plotseling niet meer bent (die barre werkelijkheid begint langzamerhand door te dringen), realiseer ik me dat wij nooit die wonderlijke speling van het lot, die ervoor zorgde dat jouw leven abrupt eindigde door een stomme struikeling over een stofzuigersnoer,  kunnen bediscussiëren.
Maar jij zou beslist hard om zo’n toevalligheid gelachen hebben.

Voor altijd in mijn gedachten.

Frank

 

 

 

 

 

 

Geplaatst in WE-300 | 31 reacties